De Vlaardinger https://devlaardinger.nl/portals/0/afbeeldingen/logo-V.png

Benne van der Velde ‘debuteert’

Afghaan met THC-inkt

Afghaan met THC-inkt

Het lezen van boeken blijft een genot. Niet altijd en voor iedereen resteert nog immer een grote groep liefhebbers die met plezier en/of een wassend gevoel van spanning bladzijde na bladzijde omslaat. Vandaag de dag gecomplementeerd met een groeiende club E-lezers, die een halve bibliotheek in een paar ons silicium proppen, nog altijd het overgrote deel van ons landje aan de Noordzee.

Anders wordt het als een lokaal scribent de pen ter hand neemt en na maanden of jaren van inspannend schrijven een boek aflevert. Komen in die verhaalvorm ook nog bekenden voor – van vlees en bloed (dat we soms wel kunnen drinken) – dan is de interesse helemaal gewekt. Dat is het geval in de debuutroman van Benne van der Velde, ex-stadsdichter, ex-pontbaas en ex-verkoper van geestverruimende middelen bij Coffeeshop ‘t Spiegelbeeld.

De hoofdpersoon in Afghaan noemt Van der Velde om persoonlijke redenen Erik: “Afgekickt van de softdrugs en zo sentimenteel als alleen een ex-junkie kan zijn,” aldus de tekst op het achterplat. Afghaan gaat over het huidige softdrugsbeleid en is een portret van een genadeloze, intelligente en charmante boef die geen genade kent. Hij schrijft, twijfelt, probeert zijn leven te beteren, sport (als gezond tegenwicht) zijn lijf stuk, vecht en huilt.

Kortom: Benne van der Velde vraagt om een interview. Wie zulke woorden schrijft met inkt op THC/bier/koffiebasis wil niet alleen zijn roman aan de man brengen, maar vindt echt iets van de nog altijd grijze scene, waarin stereotypen en vooroordelen gewoon zijn als bloemkool en komkommers bij de groenteman.

Waarom dit boek?
‘Schrijven zit mij in het bloed. In 2009 heb ik de basis van Afghaan geschreven. Toen heb ik het jaren laten liggen. In de tussentijd kreeg ik andere schrijflust. Dat kreeg vorm in Mijn nieuwe maat H. (gedichten, 2010), Met hart en piel (rap, 2011), Menage a deux (gedichten, 2014), Met man en muizenis (gedichten met beeld van Onno Maat, 2015) en Ik proef iets dat bedorven is (bloemlezing hekeldichten i.s.m. Daniel Dee en Alexis de Roode, 2016).

Nadat ik het grootste deel van 2016 nog weer een ander manuscript herschreef en merkte dat ik daarna nog energie overhad, heb ik in de nasleep daarvan Afghaan er weer bij gepakt.’

De eerste oplage is 50 stuks. Dat is niet veel, maar ze kunnen per stuk worden bijgedrukt. Per boek verdien ik € 2,-. Dat is geen oudedagsvoorziening, maar dit boek moest er nu blijkbaar gewoon uit.

Pont Vlaardingen-Pernis v.v.
Ik heb zo’n drie jaar (1998-2001) op het fietsveer tussen de Maasboulevard en de Oude Maasweg een dagboek bijgehouden in de vorm van dialogen die ik met mezelf voerde. Dat ging met tien pagina’s per dag. Jaren lang. Nog altijd heb ik ruim 5.000 pagina’s liggen. Uit die bulk heb ik 400 pagina’s gedestilleerd, dat is dat andere manuscript waar ik het over had. Onmogelijk lang, zelfs na die destillatie en onverkoopbaar. Maar ook hier geldt, dat is blijkbaar geen reden om het niet te doen.

Waarom Erik?
Die dialogen voerde ik met mijn alter ego Erik. Erik Ergo. Altijd al als ik wilde dat iets qua schrijven gemakkelijker ging in mijn leven riep ik Erik erbij. Nog, als ik eerlijk ben. In die vroeg jaren 2000 was ik geregeld de weg en de wereld kwijt.  Ik mag wel zeggen dat Erik mij de weg vaak terug heeft gewezen. Of me er verder vanaf joeg, als hij daar zin in had. Punt is dat als wij praatten, de vellen volschoten.

In totaal heb ik tien jaar als matroos op de pont gewerkt. Dan werkte je één dag van 06.00 t/m 24.00 uur en was je twee dagen vrij. Naast het bijhouden van mijn dagboek las ik elke werkdag een boek. Voor je het weet ben je belezen, bouw je een grote woordenschat op en leer je verhaallijnen herkennen en zelf toepassen. Dat ik schrijf zoals ik schrijf heb ik voor een groot deel te danken aan de pont.

Daarnaast heb ik op de HKU (Hogeschool voor de Kunsten Utrecht) leren schrijven voor film, tv en theater. Scripts, poëzie en dramatologie. Na een jaar van hard werken, elke dag aanwezig zijn en al mijn huiswerk maken (en na zessen stoned zijn), kreeg ik een waarschuwing en ondanks dat ik 39 van de benodigde 42 propedeusepunten scoorde, werd ik er uiteindelijk na anderhalf jaar weggestuurd.
   Mijn werk was goed, maar ik maakte de powers that where zenuwachtig met mijn gedrag. Denk ik. Er was niets op me aan te merken, maar ik ben een stille neuroot en niet eens zo stiekum erg eigenwijs. Al probeerde ik met hart en ziel om me zo open mogelijk op te stellen, want ik genoot van de creatieve energie daar. Ik stopte het laatste half jaar zelfs met dat blowen, maar dat was niet voldoende. Toen alle leraren mijn afzonderlijke (huis)werk naast elkaar legden en overal hoofdpersonen tegenkwamen die Erik heetten, wisten ze niet wat ze daar mee moesten. Andermaal, dat denk ik. Mijn manier om de creatieve sappen te laten vloeien, werkte uiteindelijk tegen me omdat zij niet begrepen werd.

Ik schreef er niettemin erg graag en veel. Er zijn toneelstukken van mij opgevoerd.  Ik kwam zelfs in de belangstelling van de GTST-scriptstudio en mocht komen praten. Dat ging goed en toen moest ik bij wijze van solicitatie een script afschrijven. Ook dat ging ook goed. GTST was niet stoer, maar het had in ruime financiële mate kunnen bijdragen aan mijn armlastige proza-hobby. Ik weigerde uiteindelijk zelf dienst daar, met het excuus dat ik bang was dat ik dan niet meer serieus genomen zou worden bij een eventueel proza- of poëziedebuut. Domme, domme, jonge man. Ik zou er nu geen twee seconden meer over twijfelen!
   Kennelijk zit er een mate van zelfdestructie in mij. Veel dingen die - zeker in die tijd - naar verantwoording riekten, joegen mij angst aan.

Emoties
Ik ben tien jaar geleden gestopt met blowen. Voor mijn gevoel is dat nog altijd gisteren. De roep naar softdrugs is wisselend, maar ik weet wel dat ik in die jaren emotioneel veel heb gemist. Nu kan ik zeggen dat ik blowde om maar in die flow of drive te blijven, die ik had. Dat is echter makkelijk praten want ik wilde natuurlijk ook gewoon niet stoppen. Softdrugs als bron van creativiteit is nu geen must meer, al heeft het me zeker geholpen met deuren in mijn hoofd open zetten die anders wellicht gesloten waren gebleven.

Afghaan
Ik ben gewend poëzie te schrijven. Dat is een proces van zo’n 3-4 uur. Kwestie van neerpennen, navelstaren, en het dan van je af schrijven. Of nog verder naar je toe. Het is een kwestie van jezelf in een ander jasje hijsen en kijken of het staat en lekker zit.

Bij de totstandkoming van Afghaan heb ik veel gepuzzeld, gewikt en gewogen. Ik was er vijf dagen in de week mee bezig, Daarnaast had ik ten tijde van het schrijven van dit boek werk bij de Zegro, was ik stadsdichter van Vlaardingen en ging met mijn pa sporten. Dat doe ik nog. Hardlopen. Je moet ergens aan verslaafd zijn, nietwaar? Ik schrijf een beetje als een diesel: niet snel en het duurt even voor de motor draait, maar eenmaal op gang niet meer te stoppen.

Toekomende tijd
Mocht ik ooit weer iets met muziek gaan doen, het zal eerder met een gitaar zijn. Soort singer/songwriter als Leonard Cohen. Waarom niet? Een probleem is: ik ben niet te vertrouwen als je iets met me gaat doen wat met taal te maken heeft. Laat ik dat gezegd hebben. Ik heb talent zat. Waar het chronisch aan ontbreekt is continuïteit en Ausdauwer. Als ik iets niet leuk meer vind of ik denk dat ik het truukje ken, stop ik: “Ander onderwerp.” Ik heb nog  een prijs gewonnen met mijn gerap. En voldoende mensen die er toe doen vonden het mooi. Maar dat motiveerde blijkbaar uiteindelijk toch niet genoeg. Idem voor het toneel en script en redacteur zijn van verschillende tijdschriften of het winnen van elke poetryslam waar ik aan meedeed. Ondanks een mate succes dus die voor velen al voldoende is om niets anders meer te willen doen. Nu is het met Afghaan een keer tijd voor proza (ten tijde van dit interview genomineerd voor een Indie Award). Voor zolang als dat weer duurt. Lol.

Alleen de poëzie blijft, door alle jaren heen, mijn trouwe minnares, al ben ik nog zo een trouweloze minnaar. En ondertussen alweer jaren gelukkig getrouwd. Ik heb ten tijde van het verschijnen van dit interview een nieuw manuscript met verzen klaar. Dat wordt na vijf officiële bundels en een bloemlezing van hekeldichten van derden mijn zesde. Werktitel; Dat ik het donderen doe. Het ligt bij vier uitgeverijen ter inzage en beoordeling.

Waar ik tegenwoordig erg van kan genieten is het schrijven van sci-fi en fantasy. Ik kan de lijst met publicaties opnoemen die ik daarmee al bij elkaar gesprokkeld heb, maar jullie krijgen ondertussen wel een idee van hoe dat werkt bij mij. Die lijst hoort erbij. Het mooie van deze genres is dat ze me dwingen om mijn navel als basis opzij te leggen en een vreemde maar consistente wereld te bedenken die nou eens niets met mijzelf te maken heeft. Nou ja, niets. Het loopt in deze verhalen zelden goed af, en veel van mijn hoofdpersonages heten Erik, of Iric , Er-IC, etc. Maar dat zullen jullie me maar moeten vergeven.  Wordt hopelijk vervolgd.

Mijn talent voelt niet als verdienste, daarom duurt de high van een publicatie, of toneelstuk, of script, of boek, of lied maar kort. Maar ik geniet mateloos van het proces zelf. Ik ben als dichter bijzonder neurotisch, kan rancuneus zijn, kortom niets menselijks is me vreemd. Dat andere dichters weten wie ik ben is voldoende. Anders had ik twintig jaar terug in een boyband moeten gaan zingen. 

Ik zou het erg jammer vinden als deze lijst met dingen die ik deed overkomt als arrogant of dat ik vol van mezelf zit. Dat zit ik dus juist niet. Ondanks die lijst. Mensen die me persoonlijk kennen, vinden me niet arrogant, toch? Volgens mij niet. Ik moet wel bezig blijven. Een vleesgeworden rupsje nooit genoeg. Dat ik dat niet onverdienstelijk doe, is mooi meegenomen en streelt mijn ijdelheid. Al is het maar voor even.

Nawoord
Benne van der Velde en schrijven is als de mens en zijn ademhaling: het gaat maar door en zonder is fataal. De vorm onbekend moge duidelijk zijn dat de boekenplank van de uit te dagen lezer nog verscheidene genres pennenvruchten van zijn hand mogen en kunnen torsen. Tot dan.

Titel: Afghaan
Genre: proza
Uitgeverij Brave New Books
ISBN: 9789402169669

Te koop in elke boekwinkel en o.a. op bol.com

www.bennevandervelde.nl

Boeken voor een voordracht? Alvast bedankt namens de auteur en kan via: www.deschrijverscentrale.nl/auteurs/12451

 

Laat een reactie achter

Naam:
E-mailadres:
Reactie:
Reactie toevoegen

Uw naam
Uw e-mailadres
Onderwerp
Vul uw bericht in...
x

Meest gelezen: