De Vlaardinger https://devlaardinger.nl/portals/0/afbeeldingen/logo-V.png

Ton Lebbink: Zee-eend in blik

Ton Lebbink: Zee-eend in blik

De Amsterdamse horeca en de landelijke wereld der poëzie droomt nog vaak over Ton Lebbink die afgelopen oktober gestorven is. Zijn bekendste werk schreef hij in de vroeg jaren tachtig; zijn beste werk sijpelt nog altijd door gelijk een waterval die per seizoen en weersafhankelijk meer of minder vocht afdrijft.

Zijn vrienden, bekenden, drinkebroers en- zusters, lezers van dit wekelijkse eerbetoon krijgen uiteindelijk alle pennenvruchten onder ogen, maar om Ton Lebbink compleet te krijgen hadden zijn kleine grijze hersentjes nog zeker drie decennia door moeten malen; zo vol zat dit brein tot op de laatste dag.

Net als je denkt alles van hem te hebben gelezen, komt zijn huiselijke crew met nog weer een opgeduikeld taalfenomeen. Muze Christine is er zoet mee en verzamelt maar door. De pc wordt digitaal uitgepluisd en virtueel omgekeerd. Oktober 2018 komt immers nog een bundel in de kraamkamer van de poëzie ter wereld. Compleet met cd. Hierop … dat leest/hoort de liefhebber te zijner tijd.

Het lijkt op een geheime missie, al die jaren die Ton Lebbink struinend door stad en over land doorbracht. Hier een anderhalfje met gesprek, daar een anderhalfje met een puntig gedicht. Zelden zwaar en altijd licht. Soms een pak melk tussen de gevers van dit kalkrijk goed, plus een boterhammetje kaas: ook dichters eten weleens tussendoor.

Dan een verdwenen idee of lumineuze gedachte. Die moest hij thuis herleiden tot een literaire ruggengraad, waaromheen scherpe ribbetjes verpakt in smakelijk vlezige woorden en tot slot afgedekt met een alles en iedereen zinnend vel van (on)menselijke kleur. De geboorte van een gedicht? Thuis was de kraamkamer van woordenspielerei, inclusief couveuse van onafgemaakte gedachten. Die mochten rijpen achter glas, als een te vroeggeboren kind.

Zijn zoektochten brachten hem in ranzige kroegen, gezellige cafés, verlaten straten, kneuzige knijpjes, volgepakte pleinen of (hoe natuurlijk) in een weiland waarop gras-kauwende koeien en soms een paard of schaap. In eerste aanleg leek een gedicht weleens te woordspelerig of te ver gezocht, altijd was daar de creatieve logica. Het gaf niet alleen zijn leven kleur, die neverending Odyssee, maar ook zij die hij vaak niet kende; zijn gehoor, lezers en adepten.

Het leven van Ton Lebbink kabbelt in gedachten voort. Nog altijd vol warmte en passie en grammaticale breintjespesterij. Daarom nog wekelijks een wonderlijke bijdrage uit het deels verzonnen, maar altijd met liefde neergepende en goedbedoelde, leven van een poëtisch held.

ZEE-EEND UIT BLIK

De vis heeft geen wimpers.
Een losse tong in de kokende zon.
Een aangespoelde graat.

Aan mijn voeten twijfelt water tussen eb
en sta ik zinkend in het strand
een waterkant te mollen.

Laat een reactie achter

Naam:
E-mailadres:
Reactie:
Reactie toevoegen

Uw naam
Uw e-mailadres
Onderwerp
Vul uw bericht in...
x

Meest gelezen: